ECLI:NL:RBROT:2011:BW4996
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Schending mededelingsplicht bij verzekering door niet melden bestuurder met rijontzegging
Op 10 juni 2010 sloot de verzekerde een autoverzekering af bij de verzekeraar. Kort daarna werd de auto gestolen en deed de verzekerde een claim. Tijdens het onderzoek bleek dat de echtgenoot van de verzekerde, die mede-eigenaar was en een strafrechtelijk verleden had met rijontzegging, regelmatig de auto bestuurde. Dit was niet gemeld bij het aangaan van de verzekering.
De verzekeraar stelde dat de verzekerde haar mededelingsplicht had geschonden door de risicovragen onjuist in te vullen en daardoor de verzekeringsovereenkomst mocht royeren, de claim afwijzen en de onderzoekskosten terugvorderen. De verzekerde betwistte dit en voerde aan dat het begrip 'belanghebbende' onduidelijk was en dat haar echtgenoot niet als bestuurder kon worden aangemerkt.
De rechtbank oordeelde dat de verzekerde voldoende had moeten begrijpen dat haar echtgenoot als bestuurder en belanghebbende moest worden vermeld. Door dit niet te doen had zij haar mededelingsplicht geschonden. De verzekeraar had daardoor het recht de verzekering te royeren en de onderzoekskosten te vorderen. De vordering van de verzekeraar werd toegewezen, de tegenvordering van de verzekerde afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De verzekerde wordt veroordeeld tot betaling van onderzoekskosten wegens schending van de mededelingsplicht en de tegenvordering wordt afgewezen.