ECLI:NL:RBROT:2012:BV2047
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.H. Veling
- P. Vrolijk
- H.J.M. van der Kaaij
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter in echtscheidingsprocedure met minderjarige kinderen
In deze zaak heeft verzoeker een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter die betrokken was bij zijn echtscheidingsprocedure, met als grond dat de rechter vooringenomen zou zijn. Verzoeker stelde dat de rechter meerdere keren van oordeel veranderde, voorafgaande oordelen gaf zonder behandeling, en onjuiste opmerkingen maakte over bewijsaanbod en de advocaat van verzoeker.
De rechtbank heeft het wrakingsverzoek inhoudelijk onderzocht aan de hand van het proces-verbaal, de standpunten van partijen en de gedragingen van de rechter tijdens de zitting. De rechter heeft zich primair laten leiden door het belang van de minderjarige kinderen, met name het voorkomen van onherstelbare schade door een langdurige procedure.
De rechtbank oordeelde dat het wisselen van voorlopige oordelen juist duidt op openheid voor argumenten en dat er geen zwaarwegende aanwijzingen zijn voor subjectieve of objectieve vooringenomenheid. Ook de opmerkingen over bewijslevering en de advocaat werden niet als vooringenomenheid beoordeeld. Het wrakingsverzoek werd daarom ongegrond verklaard en afgewezen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens het ontbreken van aanwijzingen voor vooringenomenheid.