ECLI:NL:RBROT:2012:BV7856
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging voortzetting huurovereenkomst na overgang appartementsrecht en verbod ontruiming
In deze zaak staat centraal of de huurovereenkomst tussen eiseres en de oorspronkelijke verhuurder uit 1978 ook na de executoriale verkoop van een deel van het pand aan M&O voortduurt. Het gehuurde betreft een winkel, woning en pakhuis, waarvan het pakhuis sinds 2011 eigendom is van M&O.
Eiseres stelt dat zij het gehele gehuurde, inclusief het pakhuis, sinds 1978 ononderbroken huurt en gebruikt als woonruimte, en dat de huurovereenkomst door de splitsing en verkoop van het appartementsrecht niet is gewijzigd. M&O betwist dit en stelt dat zij het pakhuis vrij van huur heeft gekocht en dat eiseres geen huur betaalt voor het pakhuis.
De rechtbank overweegt dat de huurovereenkomst krachtens artikel 7:226 lid 1 BW Pro door M&O moet worden voortgezet, omdat de huurder niet betrokken was bij de splitsing en de verkoop. M&O kan zich niet beroepen op het huurbeding in de hypotheekakte omdat dit alleen geldt voor huurders die er ten tijde van de hypotheekvestiging nog niet waren. M&O mag het gehuurde niet betreden of ontruimen zonder een rechtsgeldige titel.
De rechtbank wijst de vorderingen tot betreden en ontruimen toe, veroordeelt M&O in de proceskosten en wijst het meer of anders gevorderde af. De uitvoerbaarverklaring op de minuut wordt afgewezen vanwege het ontbreken van een wettelijke grondslag.
Uitkomst: De rechtbank verbiedt M&O het gehuurde te betreden en te ontruimen zonder rechtsgeldige titel en bevestigt de voortzetting van de huurovereenkomst.