ECLI:NL:RBROT:2012:BW3203
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Asscheman-Versluis
- De Knoop
- Trotman
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid Openbaar Ministerie wegens onrechtmatige inzet criminele burgerinfiltrant in drugszaak
Deze strafzaak betreft een heroïnetransport vanuit Turkije naar Nederland, onderschept in Duitsland, bekend als de Benoitzaak. De startinformatie voor het Nederlandse onderzoek kwam van een Turkse informant die tevens als infiltrant werd ingezet door Turkse autoriteiten. De Nederlandse liaison officer in Turkije was hiervan op de hoogte.
De samenwerking tussen Nederlandse en Turkse opsporingsteams was intensief en functioneerde als één locatie-overstijgend team. De infiltrant, tevens verdachte, was organisator van het transport en had een criminele achtergrond. Nederlandse wetgeving verbiedt de inzet van criminele burgerinfiltranten zonder strikte toetsing, welke in deze zaak ontbrak.
Het Openbaar Ministerie faalde in transparantie en controle, mede doordat essentiële informatie over het infiltratietraject niet werd gedeeld met de Nederlandse opsporing en rechter. Er was geen adequate verslaglegging van het infiltratietraject, waardoor toetsing achteraf onmogelijk was.
Gelet op deze ernstige vormverzuimen en de schending van artikel 6 EVRM Pro werd het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank oordeelde dat vervolging onder deze omstandigheden niet had mogen plaatsvinden, waarmee het recht op een eerlijk proces werd gewaarborgd.
Uitkomst: Het Openbaar Ministerie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens schending van het recht op een eerlijk proces door onrechtmatige inzet van een criminele burgerinfiltrant.