ECLI:NL:RBROT:2012:BX4521
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toelaatbaarheid van discovery-procedures in de VS ter bewijsvergaring in Nederlandse civiele procedure
In deze civiele procedure staat centraal de vraag of eiseres gerechtigd is discovery-procedures in de Verenigde Staten te starten om bewijs te vergaren voor een lopende Nederlandse bodemprocedure tegen gedaagde partijen. Gedaagde vordert een voorlopige voorziening die eiseres verbiedt deze discovery-procedures te gebruiken, stellende dat deze strijdig zijn met Nederlands procesrecht en de forumkeuze in de shareholders agreements.
De rechtbank stelt vast dat het Nederlandse procesrecht een open systeem van bewijsmiddelen kent en dat eiseres in beginsel vrij is om bewijs te vergaren, ook via buitenlandse procedures. Hoewel discovery-procedures in de VS ruimer en minder gericht zijn dan Nederlandse bewijsmiddelen, acht de rechtbank deze niet in strijd met de openbare orde of goede procesorde. De wijze van bewijsvergaring zal in de hoofdzaak worden beoordeeld.
De rechtbank wijst de vorderingen van gedaagde af en veroordeelt hen in de proceskosten van het incident. Tevens staat zij tussentijds hoger beroep toe vanwege het principiële karakter van het geschil. De hoofdzaak wordt verwezen naar een latere rolzitting voor verdere behandeling.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van gedaagde af en staat eiseres toe discovery-procedures in de VS te gebruiken.