ECLI:NL:RBROT:2012:BX7839
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- A.J.P. van Essen
- H.J.M. van der Kaaij
- P. Vrolijk
- Rechtspraak.nl
Wrakingsverzoek afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid na beëindiging procedure
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de voorzieningenrechter van de rechtbank Rotterdam in een bestuursrechtelijke voorlopige voorzieningprocedure. Het wrakingsverzoek volgde op een uitspraak van 9 augustus 2012 waarin de rechter zonder zitting en zonder verzoeker te horen het verzoek tot voorlopige voorziening afwees. Verzoeker stelde dat de rechter niet onpartijdig was en dat het ontbreken van een zitting was bedoeld om wraking te voorkomen.
De wrakingskamer oordeelde dat het wrakingsverzoek tijdig was ingediend, maar dat wraking slechts kan worden verzocht zolang de zaak bij die rechter in behandeling is. De onderliggende procedure was echter met de uitspraak van 9 augustus 2012 beëindigd en er was geen verzoek tot heropening ingediend. Hierdoor was het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk.
Hoewel de wrakingskamer begrip had voor de schijn van partijdigheid die verzoeker ervoer door het ontbreken van een zitting en het niet kunnen reageren op het verweerschrift, kon dit het niet-ontvankelijkheidsbesluit niet veranderen. De beslissing werd op 19 september 2012 door een meervoudige kamer uitgesproken.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard omdat de procedure bij de rechter was beëindigd.