ECLI:NL:RBROT:2012:BY1569
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Wrakingsverzoeken buiten behandeling wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid
Verzoekers hebben bij brief van 8 oktober 2012 wrakingsverzoeken ingediend tegen de rechters die hun verzoek tot vervallenverklaring van een uitspraak van de kantonrechter zouden behandelen, alsmede tegen de wrakingskamer die deze wrakingsverzoeken zou behandelen. Zij stelden dat de rechtbank niet in staat zou zijn om integere en niet-crimineelachterlijke rechters te leveren, zonder verdere feitelijke onderbouwing.
De rechtbank heeft deze wrakingsverzoeken beoordeeld en geoordeeld dat de verzoeken kennelijk niet-ontvankelijk zijn omdat zij geen concrete feiten of omstandigheden bevatten die het vermoeden van vooringenomenheid of gebrek aan onpartijdigheid kunnen rechtvaardigen. De rechtbank heeft de wrakingsverzoeken daarom buiten behandeling gesteld.
Daarnaast is het verzoek tot vervallenverklaring van de uitspraak van de kantonrechter door de wrakingskamer niet in behandeling genomen, omdat deze kamer niet bevoegd is om over vervallenverklaring te beslissen. De griffier is verzocht het verzoek door te zenden naar de sector kanton voor verdere behandeling.
De beslissing is genomen door de meervoudige kamer voor wrakingszaken van de rechtbank Rotterdam op 30 oktober 2012 en uitgesproken in openbare terechtzitting.
Uitkomst: Wrakingsverzoeken worden buiten behandeling gesteld wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid.