ECLI:NL:RBROT:2012:BY2987
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onzorgvuldige intrekking gasthoogleraarschap door Erasmus Universiteit
Eiser was gasthoogleraar aan de Erasmus Universiteit en had tevens werkzaamheden voor Press TV, wat tot maatschappelijke onrust leidde. De decaan van de universiteit drong in een telefoongesprek van 13 augustus 2009 aan op het stoppen van die werkzaamheden, zonder een concreet ultimatum te stellen. De universiteit trok op 18 augustus 2009 het gasthoogleraarschap van eiser onmiddellijk in en maakte dit bekend via een gezamenlijk persbericht met de gemeente Rotterdam, zonder eiser vooraf te horen.
De rechtbank stelde vast dat de Erasmus Universiteit onvoldoende zorgvuldig handelde door eiser niet de gelegenheid te geven zich te beraden en te reageren voordat het gasthoogleraarschap werd ingetrokken. Hoewel de universiteit maatregelen mocht treffen om reputatieschade te voorkomen, had zij de belangen van eiser meer moeten respecteren. De handelwijze van de universiteit werd gekwalificeerd als wanprestatie en onrechtmatige daad.
Eiser vorderde vergoeding van materiële schade wegens het wegvallen van zijn contractuele vergoeding en reputatieschade. De rechtbank kende de materiële schadevergoeding toe, omdat het wegvallen van inkomsten het gevolg was van het onzorgvuldige handelen van de universiteit. De gevorderde vergoeding voor immateriële schade werd afgewezen, omdat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij in zijn eer of goede naam was geschaad.
De universiteit werd tevens veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De Erasmus Universiteit handelde onzorgvuldig door het gasthoogleraarschap van eiser plotseling in te trekken zonder hem te horen en werd veroordeeld tot schadevergoeding en proceskosten.