ECLI:NL:RBROT:2012:BY4166
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van de Ven
- Van Ulden-Tjerkstra
- Kernkamp-Maathuis
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot ontslag uit psychiatrisch ziekenhuis wegens afwezigheid psychiatrische stoornis
Betrokkene, opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis vanwege ernstige alcoholverslaving en beperkte verstandelijke vermogens, verzocht om ontslag. De geneesheer-directeur had dit verzoek afgewezen vanwege het risico op terugval bij zelfstandig verblijf.
De rechtbank onderzocht of betrokkene op het moment van de uitspraak nog een psychiatrische stoornis had in de zin van artikel 2 Wet Pro BOPZ, waarbij de stoornis het gevaarlijke gedrag overwegend beheerst. Gelet op de medische rapporten en het gedrag van betrokkene, waaronder succesvolle re-integratie en naleving van afspraken doordeweeks, concludeerde de rechtbank dat geen sprake meer was van een dergelijke stoornis.
Hoewel betrokkene in het weekend alcoholgebruik vertoonde, was dit niet excessief en stond het niet in de weg aan zijn re-integratie. De rechtbank achtte een gedwongen opname daarom niet langer gerechtvaardigd en wees het ontslagverzoek toe.
De rechtbank benadrukte het belang van een verantwoord nazorgtraject om heropnames te voorkomen en verwachtte dat betrokkene en het behandelteam hierover afspraken blijven maken.
De beslissing werd genomen door een meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam op 29 oktober 2012.
Uitkomst: Het verzoek tot ontslag uit het psychiatrisch ziekenhuis wordt toegewezen omdat geen psychiatrische stoornis meer aanwezig is die een gedwongen opname rechtvaardigt.