ECLI:NL:RBROT:2012:BY5535
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst wegens verstoorde arbeidsrelatie en ziekte
De werkneemster is sinds 17 maart 2008 in dienst en meldde zich op 27 december 2011 ziek vanwege ernstige oogklachten, waarvoor zij meerdere operaties onderging. De werkgever verwijt haar herhaaldelijk niet te voldoen aan re-integratieverplichtingen, waaronder het niet nakomen van afspraken met de bedrijfsarts en het niet verschijnen op werk.
De kantonrechter deelt de feiten in drie perioden: de eerste waarin arbeidsongeschiktheid nog niet was vastgesteld, de periode van volledige arbeidsongeschiktheid en de re-integratiefase. Hoewel de werkneemster tekort is geschoten in haar informatieplicht en houding, en de werkgever meerdere officiële waarschuwingen heeft gegeven, is niet gebleken dat er een dringende reden is voor ontbinding.
De rechter constateert dat ook de werkgever tekort is geschoten in begeleiding en communicatie, met name tijdens de re-integratie, en dat de medische situatie van de werkneemster onvoldoende is meegenomen bij het opleggen van sancties. De verstoring van de arbeidsrelatie is wederzijds en niet van dien aard dat ontbinding gerechtvaardigd is.
Het verzoek tot ontbinding wordt daarom afgewezen. De kantonrechter adviseert partijen om de medische beperkingen van de werkneemster nader te laten vaststellen door de bedrijfsarts en eventueel het UWV, en in overleg een passend werkplan op te stellen.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen wegens onvoldoende dringende reden en wederzijdse verwijten.