ECLI:NL:RBROT:2013:5927
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot geheimhouding naam in boetebesluit mededingingsrechtelijke kartelpraktijken executieveilingen
Verzoekster heeft een voorlopige voorziening gevraagd om te verhinderen dat haar naam openbaar wordt gemaakt in een boetebesluit van de Autoriteit Consument & Markt (ACM). Dit boetebesluit betreft een kartelverbod wegens mededingingsbeperkende afspraken tussen handelaren bij executieveilingen van woningen.
De rechtbank overweegt dat artikel 10 van Pro de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) in principe openbaarmaking van boetebesluiten inclusief namen toestaat, mits een belangenafweging plaatsvindt. Hierbij weegt het algemene belang van transparantie zwaar, tenzij sprake is van onevenredige benadeling, bijvoorbeeld als het boetebesluit onrechtmatig blijkt.
De voorzieningenrechter beoordeelt de voorlopige rechtmatigheid van het boetebesluit en concludeert dat verzoekster deel uitmaakt van een langdurig kartel van handelaren die via afspraken de prijs van woningen op executieveilingen kunstmatig laag houden. Verzoekster heeft meerdere keren deelgenomen aan deze gedragingen, waaronder deelname aan zogenaamde naveilingen.
Verzoekster kon geen gerechtvaardigd vertrouwen ontlenen aan eerder onderzoek waarin geen overtreding werd vastgesteld. Ook is geen sprake van schending van het lex certa-beginsel of vooringenomenheid bij besluitvorming. De hoogte van de boete is in verhouding en zal mogelijk na bezwaar licht worden aangepast, maar vormt geen reden tot geheimhouding.
Daarom wordt het verzoek tot het achterwege laten van de naam openbaarmaking afgewezen en blijft de openbaarmaking van het boetebesluit inclusief naam van verzoekster in stand.
Uitkomst: Het verzoek tot het achterwege laten van de naam openbaarmaking in het boetebesluit wordt afgewezen.