Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2013:6265

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
26 juli 2013
Publicatiedatum
12 augustus 2013
Zaaknummer
C/10/428253 / KG ZA 13-665
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 140 lid 2 RvArt. 143 lid 1 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid vordering vernietiging verstekvonnis wegens ontbreken verzet

In deze zaak vordert Agrofrutero de vernietiging van een verstekvonnis van 28 mei 2013, waarbij zij was veroordeeld tot betaling aan Westfalia. Dit vonnis werd gewezen in een procedure waarbij ook andere partijen betrokken waren, waarvan één partij wel is verschenen. Hierdoor geldt het vonnis als een vonnis op tegenspraak volgens artikel 140 lid 2 Rv Pro.

Agrofrutero stelde dat zij het vonnis wilde aanvechten, maar de rechtbank oordeelt dat tegen een dergelijk vonnis geen verzet openstaat. Agrofrutero had daarom hoger beroep moeten instellen. Omdat de wet en jurisprudentie geen conversie van rechtsmiddelen toestaan, wordt Agrofrutero niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering.

De rechtbank veroordeelt Agrofrutero in de proceskosten, begroot op € 1.116, inclusief griffierecht en salaris advocaat. De uitspraak is gedaan door mr. P. de Bruin op 26 juli 2013 en is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Agrofrutero wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot vernietiging van het verstekvonnis en veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Handel
zaaknummer / rolnummer: C/10/428253 / KG ZA 13-665
Vonnis in kort geding van 26 juli 2013
in de zaak van
de rechtspersoon naar vreemd recht
AGROFRUTERO S.A.C.,
gevestigd te Lima, Peru
eiseres,
advocaat mr. P.H. Ruys,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
WESTFALIA MARKETING B.V.,
gevestigd te Rotterdam,
gedaagde,
advocaat mr. C. Almeida.
Partijen zullen hierna Agrofrutero en Westfalia genoemd worden.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • de dagvaarding d.d. 26 juni 2013, met producties,
  • de mondelinge behandeling d.d. 17 juli 2013,
  • de producties van Westfalia.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

Als enerzijds gesteld en anderzijds niet of onvoldoende bestreden alsmede op grond van de inhoud van de door partijen overgelegde producties, kan in dit kort geding van de volgende feiten worden uitgegaan.
2.1.
Tussen Westfalia als eiseres enerzijds en Agrofrutero, de Franse vennootschap Capexo S.A. en Cool Control B.V. als gedaagden anderzijds is een kort gedingprocedure aanhangig geweest bij de voorzieningenrechter te Rotterdam. Agrofrutero en Cool Control zijn in die procedure, bekend onder zaak-/rolnummer C/10/425713/ KG ZA 13-510, niet verschenen. Capexo is verschenen bij mr. Ruys. Het vonnis van de voorzieningenrechter d.d. 28 mei 2013 luidt voor zover hier van belang:
“(…)
5. De beoordeling in conventie
5.1.
Hoewel de termijn waarop gedagvaard is kort was, is voldoende aannemelijk dat zowel Agrofrutero als Cool Control tijdig op de hoogte waren van dit kort geding, zodat verstek kan worden verleend. Nu Capexo -anders dan Agrofrutero en Cool Control- in rechte is verschenen, wordt op de voet van artikel 140 lid 2 Rv Pro tussen alle partijen één vonnis in conventie gewezen dat als een vonnis op tegenspraak wordt beschouwd.
(…).

7.De beslissing

De voorzieningenrechter
in conventie:
7.1.
verleent verstek tegen de niet verschenen Agrofrutero en Cool Control;
7.2.
veroordeelt Agrofrutero om aan Westfalia te betalen een bedrag van € 86.268,69, te vermeerderen met de wettelijke (handels)rente vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening;
(…) ”.

3.Het geschil

3.1.
Agrofrutero vordert -na vermindering van eis- bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, op de minuut en de grosse, het vonnis van 28 mei 2013 van de voorzieningenrechter te Rotterdam met zaak-/rolnummer C/10/425713/KG ZA 13-510 te vernietigen en zich onbevoegd te verklaren om over de vodering van Westfalia te beslissen danwel de vorderingen niet-ontvankelijk te verklaren danwel af te wijzen, met veroordeling van Westfalia in de kosten van beide procedures.
3.2.
Westfalia voert gemotiveerd verweer.
3.3.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
Agrofrutero vordert in het onderhavige kort geding vernietiging van vonnis van 28 mei 2013 als genoemd onder 2.1.Die vordering komt neer op een vordering in verzet tegen het vonnis van 28 mei 2013, waarbij Agrofrutero bij verstek is veroordeeld.
4.2.
Op grond van artikel 143 Rv Pro lid 1 kan een gedaagde die bij verstek is veroordeeld, verzet in stellen tegen het betreffende vonnis. In de onder 2.1 genoemde procedure was Capexo, een medegedaagde van Agrofrutero, wel verschenen. Om die reden is op grond van artikel 140 lid 2 Rv Pro tussen alle partijen in die procedure één vonnis gewezen, dat als een vonnis op tegenspraak moet worden beschouwd. Het gevolg daarvan is dat tegen het vonnis van 28 mei 2013 geen verzet openstaat en Agrofrutero dus hoger beroep had moeten instellen om tegen het vonnis van 28 mei 2013 op te komen. Nu uit de wet noch jurisprudentie de mogelijkheid van conversie van rechtsmiddelen voortvloeit, dient Agrofrutero niet-ontvankelijk te worden verklaard in haar vorderingen.
4.3.
Nu Agrofrutero niet in haar vorderingen kan worden ontvangen, zal zij worden veroordeeld in de proceskosten. De voorzieningenrechter zal daarbij het salaris van de advocaat van Westfalia vaststellen op € 527,--, het tarief voor een eenvoudig kort geding. Aannemelijk is dat Westfalia kosten heeft moeten maken voor de onderhavige procedure, maar inhoudelijk is deze zaak een vervolg op de onder 2.1 genoemde procedure, zodat de voorzieningenrechter er voorshands vanuit gaat de werkzaamheden met betrekking tot de onderhavige procedure beperkt zijn geweest. Daar komt bij dat het Westfalia van aanvang af duidelijk was, althans had kunnen zijn dat Agrofrutero met de onderhavige procedure niet het juiste rechtsmiddel had ingesteld.
4.4.
Agrofrutero zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Westfalia worden begroot op:
  • griffierecht €  589,00
  • salaris advocaat
Totaal €  1.116,00

5.De beslissing

De voorzieningenrechter
5.1.
verklaart Agrofrutero niet-ontvankelijk in haar vordering,
5.2.
veroordeelt Agrofrutero in de proceskosten, aan de zijde van Westfalia tot op heden begroot op € 1.116,00,
5.3.
verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. P. de Bruin en in het openbaar uitgesproken op 26 juli 2013, in tegenwoordigheid van mr. L.A. Bosch, griffier. 2083/2009