De zaak betreft een geschil over de verschuldigdheid van een succesfee voor de bemiddeling bij de verkoop van een tandartspraktijk. Partijen sloten een overeenkomst van opdracht waarbij de bemiddelaar een succesfee van 1% van de omzet bij praktijkverkoop zou ontvangen. De bemiddelaar heeft werkzaamheden verricht, waaronder contact en informatieverstrekking aan een potentiële koper, [B].
De koper kwam niet uit het netwerk van de bemiddelaar, wat door de gedaagde werd aangevoerd als reden om geen succesfee te betalen. De rechtbank oordeelt echter dat de overeenkomst geen vereiste stelt dat de koper uit het netwerk van de bemiddelaar moet komen. Omdat de bemiddelaar daadwerkelijk heeft bemiddeld en de verkoop heeft bijgedragen, is de succesfee verschuldigd.
De gedaagde voerde verder tekortkomingen aan in de nakoming van de overeenkomst door de bemiddelaar, zoals het niet opstellen van een koopovereenkomst en fouten in de waardebepaling en advertentie. De rechtbank wijst deze verweren af omdat het opstellen van de koopovereenkomst optioneel was en de overige klachten niet juridisch relevant of onvoldoende onderbouwd zijn.
Ook het beroep op ontbinding van de overeenkomst wegens vermeende tekortkomingen wordt verworpen. De rechtbank veroordeelt de gedaagde tot betaling van de succesfee van €4.165,00, vermeerderd met wettelijke rente, en in de proceskosten.