Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
,kind van [naam vader] (hierna: [naam vader]) en de met het gezag belaste ouder [naam moeder].
Rechtbank Rotterdam
De Raad voor de Kinderbescherming heeft bij de rechtbank Rotterdam een verzoek ingediend om een minderjarige onder toezicht te stellen van Bureau Jeugdzorg. De zaak werd behandeld door rechter M.J. van den Broek-Prins. Namens de vader van de minderjarige werd een verzoek tot verschoning van deze rechter ingediend, omdat er vrees bestond voor partijdigheid.
De rechter zelf heeft ook een verzoek tot verschoning ingediend, wat de rechtbank als een zwaarwegende aanwijzing beschouwde. Tijdens de zitting op 8 oktober 2013 werd het verzoek behandeld waarbij de betrokken partijen waren uitgenodigd. De rechtbank concludeerde dat de vrees voor partijdigheid objectief gerechtvaardigd was, mede door de omstandigheden en het eigen verzoek van de rechter.
De meervoudige kamer voor verschoningszaken heeft daarom het verzoek tot verschoning van rechter Van den Broek-Prins toegewezen. Dit waarborgt de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechterlijke macht in deze civiele procedure betreffende jeugdbescherming.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de rechter is toegewezen wegens objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.