Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.[Eiseres 1],
[Eiser 2],
[Eiser 3],
[Eiser 4],
[eiser 5],
mr. E.F. DE VILDER, in zijn hoedanigheid van (door de rechtbank benoemde) vereffenaar van de nalatenschap van wijlen de heer [betrokkene 1],
[Gedaagde 2],
1.De procedure
- het tussenvonnis van 14 november 2012
- het proces-verbaal van comparitie van 21 juni 2013
- de akte overleggen producties van [alles eisers] c.s. met de producties 14 tot en met 18
- de akte van [Gedaagde 2], met 1 productie.
2.De feiten
f143.000. Aan het vruchtgebruik dat [beide betrokkenen]zich voorbehielden werd een waarde toegekend van 60% ofwel
f85.800.
f34.320 werd aldus berekend: waarde in bewoonde staat
f85.800 minus de waarde van het vruchtgebruik (60% van
f85.800) ofwel
f51.480.
f40.000 heeft verstrekt.
f235.000 het woonhuis met aan de [adres] te Gorinchem, kadastraal bekend gemeente Gorinchem, sectie F nummer [nummer].
3.Het geschil
4.De beoordeling
De vorderingen van [Eiseres 1] op [Gedaagde 2]
f40.000 met als omschrijving ‘wegens het schuldig blijven van de koopsom van de bouwkavel door [beide betrokkenen] te Gorinchem’. Dit bevestigt het eerder door [Eiseres 1] in de dagvaarding ingenomen standpunt. Echter, zoals hiervoor reeds is overwogen heeft [Eiseres 1] tevens erkend dat zij feitelijk geen geld heeft geleend aan haar ouders maar dat het een constructie betrof teneinde er voor zorg te dragen dat het leek alsof erflater niet over vermogen beschikte.