Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het procesverloop
2.De verdere beoordeling van het geschil
€ 10,00 +
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde een civiele bodemzaak waarin eiser revindicatie vorderde van diverse inboedelgoederen die zich in de woning van gedaagde bevonden na het beëindigen van hun samenwoning.
Eiser moest bewijzen dat de goederen op de lijst bij gedaagde stonden en dat hij hiervan eigenaar was. Getuigenverklaringen en foto’s van de deurwaarder werden onderzocht. Uit het bewijs bleek slechts dat een blauw kelklampje onbetwist eigendom van eiser was; de overige goederen waren volgens getuigen geschonken aan gedaagde of waren haar eigendom.
De rechtbank wees de vordering grotendeels af, behalve voor het blauwe kelklampje dat aan eiser moet worden afgeleverd. Omdat eiser met een toevoeging procedeerde en de vordering bewijsrechtelijk zwak was, werd hij veroordeeld in de proceskosten van gedaagde. Tevens werd een dwangsom opgelegd voor het geval gedaagde het lampje niet binnen drie weken aflevert.
Uitkomst: Vordering tot revindicatie wordt slechts toegewezen voor één kapot lampje; eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.