ECLI:NL:RBROT:2013:BZ0333
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- G.A.F.M. Wouters
- M.G.L. de Vette
- A.J.E. Cartigny
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking buiten behandeling wegens niet-ontvankelijkheid na eindbeslissing verzet
Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. I. Bouter, rechter in team handel, afdeling privaatrecht van de rechtbank Rotterdam. Dit verzoek kwam nadat zij bij vonnis van 9 januari 2013 niet-ontvankelijk was verklaard in het door haar ingestelde verzet tegen een verstekvonnis van 16 november 2011. Omdat de behandeling van de zaak daarmee was geëindigd, kon het wrakingsverzoek niet meer worden toegewezen.
De wrakingskamer overwoog dat wraking alleen mogelijk is tegen een rechter die nog een zaak behandelt. De comparitie van partijen was onder leiding van mr. Bouter, maar feitelijk gehouden door een stafjurist die geen rechter is, zodat het verzoek feitelijk op mr. Bouter betrekking had. Het verzoek werd ingediend na de einduitspraak, waardoor het doel van wraking niet meer kon worden bereikt.
Verzoekster had bovendien niet binnen de gestelde termijn bevestigd dat zij een rechter wilde wraken, ondanks aanwijzingen van de wrakingskamer. De rechtbank stelde het verzoek tot wraking daarom buiten behandeling wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid.
Uitkomst: Het verzoek tot wraking van mr. I. Bouter is buiten behandeling gesteld wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid.