ECLI:NL:RBROT:2013:BZ2110
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Planschadevergoeding deels in natura toegekend wegens onjuiste rechtsgrondslag en zorgvuldigheid
Eisers vroegen vergoeding van planschade vanwege beperkingen door het bestemmingsplan “Hortweg” dat hun bouw- en gebruiksmogelijkheden beperkte. Na afwijzing en bezwaar werd uiteindelijk een vergoeding van €470.513 toegekend, deels in contanten en deels in natura via een profijtelijke bestemmingsplanwijziging. Eisers stelden dat het besluit onzorgvuldig was en berustte op een onjuiste wettelijke grondslag, omdat het verkeerde rechtskader werd toegepast.
De rechtbank oordeelde dat het recht van toepassing was zoals dat gold vóór 1 juli 2008, terwijl het besluit zich onterecht baseerde op latere wetgeving. Tevens was het besluit onzorgvuldig omdat het uitsluitend uitging van een toezegging voor een toekomstige wijziging die nog niet was vastgesteld of in werking getreden. Dit gebrek was inmiddels hersteld, waardoor de rechtsgevolgen konden blijven bestaan.
Eisers voerden ook aan dat zij onrechtvaardig werden behandeld ten opzichte van andere eigenaren die volledig in geld werden gecompenseerd. De rechtbank verwierp dit beroep op het gelijkheidsbeginsel, omdat de situatie van eisers verschilde door het feitelijke gebruik en de aard van de bestemming.
Verder werd het advies van de SAOZ als deskundig erkend, hoewel het was gebaseerd op een onjuist juridisch kader, wat in dit geval geen nadelige gevolgen had. De rechtbank wees een vergoeding van griffierecht en proceskosten toe aan eisers. Tegen dit vonnis kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd maar de rechtsgevolgen blijven in stand; eisers ontvangen vergoeding van griffierecht en proceskosten.