ECLI:NL:RBROT:2013:BZ2131
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen vaststelling tegemoetkoming in planschade na vrijstellingsbesluit
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van verweerder waarbij een tegemoetkoming in planschade van €40.000,- aan een derde werd vastgesteld en op eiser werd verhaald. Eiser stelde dat het advies van de Stichting Adviesbureau Onroerende Zaken (SAOZ), dat ten grondslag lag aan het besluit, ondeugdelijk was gemotiveerd en afweek van eerdere risicoanalyses. Tevens voerde hij belangenverstrengeling en schending van zijn schadebeperkingsplicht aan.
De rechtbank stelde vast dat eiser met verweerder een planschadeovereenkomst had gesloten, waardoor hij belanghebbende was bij het besluit. Geschillen over de uitleg van deze overeenkomst behoren tot de burgerlijke rechter, hetgeen hier niet aan de orde was. Het advies van de SAOZ bood voldoende inzicht in de feiten en omstandigheden en was niet onbegrijpelijk. Eiser had geen deskundigenbericht overgelegd ter onderbouwing van zijn kritiek.
De rechtbank verwierp de stellingen over belangenverstrengeling en het vertrouwensbeginsel. De dochter van de derde-belanghebbende was ambtelijk secretaris van de bezwaarschriftencommissie, wat geen belangenverstrengeling opleverde. Ook was geen sprake van concrete toezeggingen die het vertrouwensbeginsel konden rechtvaardigen.
Gelet op deze overwegingen verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en bevestigde het bestreden besluit. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het besluit tot vaststelling en verhaal van de tegemoetkoming in planschade wordt ongegrond verklaard.