ECLI:NL:RBROT:2013:BZ4672
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M. van Mourik
- M.A.C. Prins
- M. van Kuilenburg
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor bezit van digitale kinderpornografische afbeeldingen met voorwaardelijk opzet
De rechtbank Rotterdam heeft op 28 februari 2013 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd verdacht van het bezit van een groot aantal digitale kinderpornografische afbeeldingen en films.
Uit het onderzoek bleek dat verdachte in de periode van 31 maart 2011 tot en met 6 november 2012 in bezit was van 522 unieke kinderpornografische foto's en 140 unieke films, opgeslagen op meerdere laptops en externe harde schijven. De overige duizenden afbeeldingen waren kopieën. Verdachte ontkende opzet, maar verklaarde dat de afbeeldingen mogelijk via e-mail of websites waren toegezonden in het kader van zijn internetbedrijf in adult entertainment.
De rechtbank oordeelde dat het enkele bezit van digitale bestanden weinig meer rechtvaardigt dan een vermoeden van opzet, en dat concreet bewijs moest aantonen dat verdachte het bezit bewust aanvaardde. Dit bleek slechts voor een klein deel van de afbeeldingen het geval. Verdachte werd vrijgesproken voor het bezit van kopieën, maar veroordeeld voor het bezit van de unieke afbeeldingen met voorwaardelijk opzet. De strafmaat werd bepaald op zes maanden gevangenisstraf, rekening houdend met eerdere veroordelingen en persoonlijke omstandigheden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf wegens bezit van digitale kinderpornografische afbeeldingen met voorwaardelijk opzet.