ECLI:NL:RBROT:2013:BZ5068
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Koop onroerende zaak en matiging boete bij niet-nakoming levering door professionele partij
ABN Amro Bank N.V. en Development Corporation IJsselmonde B.V. (DCIJ) sloten een koopovereenkomst voor een onroerende zaak in Rotterdam ten behoeve van herontwikkeling. DCIJ nam het pand niet af op de afgesproken datum 2 juli 2012, waarna ABN Amro DCIJ sommeerde tot nakoming.
De rechtbank stelde vast dat de koopovereenkomst reeds vóór 13 januari 2012 was gesloten en dat DCIJ onvoorwaardelijk akkoord was gegaan met levering op 2 juli 2012. DCIJ erkende de verschuldigdheid van een contractuele boete van €4.320 per dag vanaf 10 juli 2012, maar verzocht om matiging. De rechtbank matigde de boete tot het niveau van vier maanden, gezien de disproportionele verhouding tussen boete en werkelijke schade en de omstandigheden rondom de financiering en overeenkomsten met gemeente en cvve.
DCIJ werd veroordeeld tot afname van het pand binnen vier weken na betekening van het vonnis, onder dreiging van een dwangsom van €2.000 per dag met een maximum van €200.000. Tevens werd DCIJ veroordeeld tot betaling van de gematigde boete, wettelijke rente, buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten. De vorderingen van DCIJ in voorwaardelijke reconventie werden afgewezen.
Uitkomst: DCIJ wordt veroordeeld tot afname van het pand binnen vier weken, betaling van een gematigde boete en bijkomende kosten onder dwangsom.