ECLI:NL:RBROT:2013:BZ5134
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongerechtvaardigde verrijking door niet doorbetaald schadevergoeding aan huurder bij verhuizing vastgoed
In deze zaak staat centraal de vraag of gedaagde ongerechtvaardigd is verrijkt doordat zij een door de gemeente betaalde vergoeding, bedoeld voor schadevergoeding aan de huurder van vastgoed, niet aan eiseres heeft doorbetaald. Eiseres, eigenaar van een taxibedrijf, vordert betaling van dit bedrag vermeerderd met wettelijke rente.
De rechtbank oordeelt dat gedaagde inderdaad ongerechtvaardigd is verrijkt. De vergoeding van de gemeente was deels bestemd voor de huurder, eiseres, maar is ten onrechte aan gedaagde toegekomen. De investering van het ontvangen bedrag in Oostenrijk door gedaagde doet hieraan niet af, omdat de verrijking ziet op het ontvangen bedrag zelf.
De rechtbank stelt de hoogte van de vergoeding vast aan de hand van een taxatierapport dat als basis diende voor de onderhandelingen met de gemeente. De waarde van het vastgoed wordt vastgesteld op €550.000, en de vergoeding aan eiseres wordt berekend op €119.672,20, inclusief een goodwillvergoeding. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van dit bedrag met wettelijke rente vanaf 31 maart 2006. De vordering tegen de tweede gedaagde wordt afgewezen. Proceskosten worden aan gedaagde opgelegd.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €119.672,20 vermeerderd met wettelijke rente vanaf 31 maart 2006 wegens ongerechtvaardigde verrijking.