ECLI:NL:RBROT:2013:BZ5161
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen veilingprocedure vergunningen frequentieruimte
Eiser maakte bezwaar tegen het besluit waarbij bekend werd gemaakt dat vergunningen voor frequentieruimte in de 800, 900 en 1800 MHz-band via een veilingprocedure worden verdeeld. Dit Bekendmakingbesluit betreft de omvang, frequentiebanden, uitgifteprocedure en het tijdstip van de veiling. Eiser stelde dat hij belanghebbende is en dat het gebruik van elektromagnetische velden schadelijk is voor de gezondheid, waardoor hij bezwaar maakte tegen het geheel van het gebruik van deze frequenties.
De rechtbank overweegt dat het Bekendmakingbesluit niet gericht is op het beschermen van belangen zoals gezondheidseffecten van elektromagnetische velden. Volgens vaste jurisprudentie moet een belang rechtstreeks, actueel, objectief en persoonlijk zijn om als belanghebbende te worden aangemerkt. Dit is bij eiser niet het geval omdat zijn bezwaren niet rechtstreeks raken aan het Bekendmakingbesluit zelf.
Verweerder heeft het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard omdat het besluit alleen de veilingprocedure regelt en niet het daadwerkelijke gebruik van de frequenties. Het gebruik van elektromagnetische velden ontstaat pas later bij plaatsing van antennes en apparatuur. Het beroep van eiser tegen deze niet-ontvankelijkverklaring is door de rechtbank ongegrond verklaard.
De uitspraak is gedaan door rechter A.I. van Strien en griffier S.M. Joseph op 10 januari 2013. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het Bekendmakingbesluit is niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser geen rechtstreeks belang heeft.