ECLI:NL:RBROT:2013:BZ6782
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toelating van voeging en verstrekking van bescheiden in geschil over nietigheid RvC-besluiten Vestia
In deze civiele procedure vordert Vestia de nietigheid of vernietiging van twee RvC-besluiten betreffende goedkeuring van een betaling aan voormalig bestuurder [A]. [A] en [B c.s.] verzoeken zich te mogen voegen aan de zijde van de gedaagde partij, terwijl Vestia verweer voert tegen tussenkomst maar niet tegen voeging.
De rechtbank oordeelt dat voeging passend is omdat de interveniënten geen eigen vorderingen tegen de gedaagde stellen, maar de vordering van Vestia willen weerleggen. De positie van de gevoegde partijen wordt uitgebreid toegelicht, waarbij wordt bevestigd dat zij zelfstandig verweer kunnen voeren en rechtsmiddelen kunnen aanwenden.
Daarnaast vordert [A] op grond van artikel 843a Rv inzage in het Integis-rapport en het advies van Houthoff Buruma, die relevant zijn voor de beoordeling van de nietigheid van de RvC-besluiten. Vestia voert verweer, onder meer met een beroep op geheimhouding en contractuele beperkingen, maar de rechtbank wijst dit af. Het belang van [A] en de waarheidsvinding prevaleren, en de stukken moeten worden verstrekt.
De rechtbank verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad, wijst het meer of anders gevorderde af en houdt de beslissing over de kosten aan tot de hoofdzaak wordt beslist. De zaak wordt verwezen naar de rol voor verdere behandeling.
Uitkomst: De rechtbank staat voeging toe en beveelt Vestia tot afgifte van het Integis-rapport en het advies van Houthoff Buruma.