ECLI:NL:RBROT:2013:BZ9149
Rechtbank Rotterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Nakoming vaststellingsovereenkomst en CAO VVT bij aanbesteding huishoudelijke zorg
In deze kort geding procedure staat de naleving van een vaststellingsovereenkomst en de CAO VVT centraal in het kader van een aanbesteding van huishoudelijke zorg in Rotterdam. Eiseressen vorderen dat gedaagden de 353 werknemers die per 22 april 2013 bij hen in dienst treden, arbeidsovereenkomsten aanbieden met behoud van dezelfde cao-arbeidsvoorwaarden, waaronder de juiste functiewaarderingsschaal en periodiek. Gedaagden hebben de werknemers echter ingeschaald in een lagere periodiek en met aanvullende arbeidsvoorwaarden die volgens eiseressen niet conform de afspraken zijn.
De kantonrechter oordeelt dat de vaststellingsovereenkomst en de CAO VVT moeten worden uitgelegd volgens het Haviltex-criterium en dat gedaagden gehouden zijn de werknemers in FWG 15 in te schalen met behoud van de huidige periodiek. De vermeende functiewijzigingen zijn onvoldoende onderbouwd om afwijking toe te staan. Extra arbeidsvoorwaarden vallen buiten de cao en zijn niet onrechtmatig. Het gevorderde verbod op negatieve uitlatingen door Abvakabo en CNV wordt afgewezen omdat de vrijheid van meningsuiting zwaarder weegt.
Gedaagden worden veroordeeld om binnen vijf werkdagen passende arbeidsovereenkomsten aan te bieden en een overzicht te verstrekken van de aangeboden contracten en ondertekenaars. De gevorderde dwangsommen worden gematigd. De proceskosten worden aan de zijde van eiseressen en in reconventie aan de zijde van Abvakabo en CNV toegewezen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot het aanbieden van arbeidsovereenkomsten met behoud van cao-arbeidsvoorwaarden en juiste inschaling, en verbod op negatieve uitlatingen wordt afgewezen.