ECLI:NL:RBROT:2013:CA0272
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank Rotterdam oordeelt over huurachterstand, driepartijenovereenkomst en ongerechtvaardigde verrijking forellenplas
De zaak betreft een geschil tussen het Recreatieschap Voorne-Putten-Rozenburg, de voormalige huurder (de Vliegvisschool) en de huidige huurder van de forellenplas. Het Recreatieschap is eigenaar van de grond en het water, inclusief een bedrijfsgebouw (de lodge) dat door de Vliegvisschool is gesticht.
De Vliegvisschool had een huurovereenkomst met het Recreatieschap, met een verplichting om bij het einde van de huur de aangebrachte zaken te verwijderen, tenzij anders overeengekomen. Er zijn onderhandelingen gevoerd over een driepartijenovereenkomst waarbij de lodge zou worden verkocht aan de huidige huurder, die tevens erfpacht zou verkrijgen van het Recreatieschap. Partijen bereikten echter geen volledige overeenstemming over de financiële afwikkeling, huurachterstanden en onderhoud.
De rechtbank oordeelt dat geen geldige driepartijenovereenkomst tot stand is gekomen. Wel stelt zij vast dat het Recreatieschap door natrekking eigenaar is geworden van de lodge en dat het ongerechtvaardigd is verrijkt ten koste van de Vliegvisschool. De waarde van de lodge wordt geschat op €45.000, waarvoor het Recreatieschap schadevergoeding moet betalen. Verrekening van huurachterstanden, incassokosten en doorberekende kosten wordt toegestaan, met nadere procedure over het exacte verrekeningsbedrag.
De vorderingen van de Vliegvisschool tegen het Recreatieschap en de huidige huurder worden afgewezen, en de Vliegvisschool wordt veroordeeld in de proceskosten. De procedure wordt aangehouden voor nadere uitlatingen over het verrekeningsbedrag.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen af, erkent ongerechtvaardigde verrijking van het Recreatieschap en bepaalt een schadevergoeding van €45.000.