ECLI:NL:RBROT:2013:CA1226
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor zes maanden dealen cocaïne en bezit 110 gram cocaïne
De rechtbank Rotterdam heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 13 maanden wegens het gedurende zes maanden dealen van cocaïne en het bezit van circa 110 gram cocaïne. De zaak is inhoudelijk behandeld op 14 mei 2013, waarbij de rechtbank alle processtukken en de vorderingen van de officier van justitie heeft betrokken.
Uit het dossier en de zitting is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte tussen 1 december 2011 en 4 juni 2012 cocaïne heeft verkocht, afgeleverd en vervoerd, en op 5 juni 2012 ongeveer 110 gram cocaïne in bezit had. De verdediging voerde bewijsverweren aan, maar deze werden door de rechtbank verworpen. De rechtbank heeft verdachte vrijgesproken van wat meer of anders was ten laste gelegd dan het bewezen verklaarde.
De strafmotivering baseerde zich op de ernst van de feiten, de schadelijke en verslavende aard van cocaïne, de maatschappelijke overlast door handel in harddrugs, en de eerdere contacten van verdachte met justitie. De rechtbank achtte een geheel onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend en wees een voorwaardelijke straf af vanwege het ontbreken van indicaties voor begeleiding door de reclassering.
Daarnaast verklaarde de rechtbank het in beslag genomen geld, in totaal €1850,00, verbeurd. De opgelegde straf is lager dan de eis van de officier van justitie, die 30 maanden gevangenisstraf vorderde, deels voorwaardelijk. De tijd in voorlopige hechtenis wordt in mindering gebracht op de straf.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 13 maanden gevangenisstraf voor dealen en bezit van cocaïne.