Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 20 februari 2014 in de zaak tussen
Bongrain Nederland B.V., te Breda, eiseres,
de minister van Economische Zaken (de minister van EZ),
de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (de minister van VWS),
met als derde partij [naam derdepartij] ([naam derdepartij]), te Oldenzaal,
Procesverloop
- het besluit van 7 februari 2014 (besluit 3), strekkende tot oplegging van een bestuurlijke boete van € 525,- aan [naam derdepartij] wegens overtreding van artikel 2 in Pro verbinding met artikel 29 van Pro het WEL;
- het besluit van 10 februari 2014 (besluit 4), waarbij Bongrain wordt meegedeeld dat [naam derdepartij] is beboet en dat wordt afgezien van de oplegging van een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang;
- het besluit van eveneens 10 februari 2014 (besluit 5), waarbij Bongrain een dwangsom van € 1.260,- wegens niet tijdig beslissen wordt toegekend.
Overwegingen
Beslissing
- verklaart zich in de zaak ROT 13/4382 onbevoegd,
- verklaart het beroep wegens niet tijdig beslissen in de zaak ROT 13/8066 niet-ontvankelijk;
- verwijst het beroep van eiseres tegen de besluiten 3 en 4 ter behandeling als bezwaar naar de minister van VWS;
- bepaalt dat de minister aan eiseres het in de zaak ROT 13/4382 betaalde griffierecht van € 318,- vergoedt.