ECLI:NL:RBROT:2014:2649
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot toepassing en voorlopige voorziening schuldsaneringsregeling
Verzoekster heeft op 20 februari 2014 een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling en een voorlopige voorziening ex artikel 287, vierde lid, Faillissementswet. De rechtbank Rotterdam heeft vastgesteld dat verzoekster eerder van 11 mei 2009 tot 17 mei 2010 onder de schuldsaneringsregeling viel, welke werd beëindigd op grond van artikel 350, derde lid, onder c, d, e en f, Fw.
Op grond van artikel 288, tweede lid, onder d, Fw, wordt een verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling afgewezen indien de regeling minder dan tien jaar eerder op de schuldenaar van toepassing is geweest, tenzij uitzonderingen van toepassing zijn. Geen van deze uitzonderingen was hier van toepassing.
De rechtbank concludeert dat verzoekster daarom niet opnieuw kan worden toegelaten tot de regeling. Tevens wordt het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen omdat verzoekster geen belang meer heeft bij de voorziening nu het hoofdverzoek is afgewezen.
De uitspraak is gedaan door rechter C. van Steenderen-Koornneef op 2 april 2014. Verzoekster kan binnen drie maanden hoger beroep instellen via een advocaat.
Uitkomst: Verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling en verzoek tot voorlopige voorziening worden afgewezen.