ECLI:NL:RBROT:2014:2982
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering in strijd met vertrouwensbeginsel door gemeente
Eiseres maakte tijdig melding van samenwoning met haar toenmalige echtgenoot en wilde een bijstandsuitkering naar de gehuwdennorm aanvragen, maar zag hiervan af nadat verweerder haar wees op mogelijke gevolgen voor het verblijfsrecht van haar echtgenoot. Verweerder ondernam geen actie en wekte daarmee het gerechtvaardigde vertrouwen dat eiseres vrij was om al dan niet een aanvraag in te dienen zonder gevolgen voor haar lopende uitkering.
De rechtbank oordeelt dat het beroep op het vertrouwensbeginsel slaagt, omdat eiseres handelde met medeweten en instemming van verweerder en de uitkering die zij ontving lager was dan de gehuwdennorm. Het intrekken van de bijstand en de terugvordering over de periode van 26 oktober 2012 tot en met 30 april 2013 is daarmee onrechtmatig.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit, verklaart het bezwaar van eiseres gegrond, herroept het primaire besluit en veroordeelt verweerder tot vergoeding van de proceskosten van €974. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering wordt vernietigd.