Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- het tussenvonnis van 22 mei 2013;
- het proces-verbaal van comparitie van 15 juli 2013.
Rechtbank Rotterdam
De Stichting Naleving CAO voor Uitzendkrachten (SNCU) vorderde betaling van een bedrag waarop derdenbeslag was gelegd bij de besloten vennootschap [gedaagde]. SNCU stelde dat [gedaagde] in verzuim was omdat zij niet tijdig een verklaring derdenbeslag had afgelegd en sommaties had genegeerd.
De rechtbank oordeelde dat de verklaring derdenbeslag, hoewel per post verzonden op 12 januari 2012, pas op 13 december 2012 door SNCU was ontvangen, na dagvaarding. De bewijslast van tijdige ontvangst lag bij [gedaagde], die dit niet kon aantonen. Ook de sommaties van 30 maart en 11 mei 2012 waren niet aantoonbaar ontvangen door [gedaagde].
Omdat geen tijdige ontvangst kon worden vastgesteld, was er geen verzuim en kon SNCU niet worden veroordeeld tot betaling alsof zij zelf schuldenaar was. De vordering werd afgewezen. SNCU werd veroordeeld in de proceskosten, maar het griffierecht werd voor rekening van [gedaagde] gelaten wegens niet tijdige toezending van de verklaring. Misbruik van procesrecht werd niet vastgesteld.
Uitkomst: De vordering tot betaling wegens executoriaal derdenbeslag wordt afgewezen wegens niet tijdige ontvangst van verklaring en sommaties.