Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 21 maart 2014, met producties 1 tot en met 26
- de eis in reconventie, met producties 1 tot en met 14
- de aanvullende producties van [eiser], genummerd 26(a) tot en met 29
- de mondelinge behandeling van 31 maart 2014
- de pleitnota van [eiser]
- de pleitnota van [gedaagde]
2.De feiten
- Welke verdeling van percelen kan worden vastgesteld in het licht van de gewenste oplossing?
- Welke verdeling van roerende zaken (machines en materieel) is passend bij de gekozen verdeling, als bedoeld bij vraag 1.
- Welke verdeling geldt voor de financiële resultaten van de bestaande samenwerkingsverbanden (maatschap en vennootschap)?
- Welke overige (juridische en fiscale) stappen dienen te worden gezet om bovenstaande verdeling en de beëindiging van de samenwerking te bewerkstelligen?