Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding d.d. 19 juni 2014, met producties;
- de mondelinge behandeling op 27 juni 2014. Bij die gelegenheid zijn gehoord:
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat mr. Mens;
- de curator.
Rechtbank Rotterdam
De moeder vordert dat de curator haar dochter, die onder curatele staat en een verstandelijke handicap heeft, om de twee weken een dag bij haar mag laten verblijven. De dochter is meerderjarig en woont in een instelling vanwege ernstige gedragsproblematiek. De curator weigert de omgang op grond van het welzijn van de dochter.
De rechtbank overweegt dat het recht op omgang met meerderjarige onder curatele gestelde kinderen niet wettelijk is geregeld. Toestemming kan alleen worden gegeven als de curator misbruik maakt van zijn bevoegdheid, wat onrechtmatig zou zijn jegens de ouder. De belangen van de dochter, behartigd door de curator, worden afgewogen tegen het belang van de moeder.
De curator stelt dat het contact met de moeder leidt tot opstandig gedrag en onrust bij de dochter, wat haar welzijn schaadt. De rechtbank oordeelt dat de curator niet onrechtmatig handelt door de omgang te weigeren en dat de moeder haar bezwaren tegen het functioneren van de curator via een andere procedure moet aanvechten.
De vordering wordt afgewezen en de proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De vordering tot omgang met de meerderjarige onder curatele gestelde dochter wordt afgewezen wegens ontbreken van misbruik van bevoegdheid door de curator.