ECLI:NL:RBROT:2014:7099

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
21 juli 2014
Publicatiedatum
21 augustus 2014
Zaaknummer
14/262 F
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 71 Faillissementswet
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vaststelling salaris curator na hernieuwd faillissement ABM Services B.V.

De curator van ABM Services B.V. heeft op 31 maart 2014 een verzoek ingediend tot vaststelling van zijn salaris over de periode van 21 mei 2013 tot en met 19 november 2013. Het faillissement van ABM Services B.V. was op 21 mei 2013 uitgesproken en op 19 november 2013 opgeheven wegens gebrek aan baten. Destijds werd slechts een deel van het salaris vastgesteld omdat er onvoldoende boedelactief was.

Na de opheffing werd een nieuwe bate van circa €5.000 ontdekt, waarop het faillissement opnieuw werd uitgesproken op 18 maart 2014. De curator verzette zich niet tegen vaststelling van het resterende salaris. De rechter-commissaris bracht een voordracht uit waarin werd voorgesteld het resterende salaris vast te stellen conform de Recofa-richtlijnen.

De rechtbank overweegt dat het resterende salaris gerechtvaardigd is omdat de nieuwe bate mogelijk bewust voor de curator verborgen was gebleven. De urenverantwoording van de curator wordt als redelijk beoordeeld. Daarom wordt het resterende salaris van €1.088,98 inclusief BTW vastgesteld. De beschikking is op 21 juli 2014 in het openbaar uitgesproken door rechter Damsteegt-Molier.

Uitkomst: Het resterende salaris van de curator wordt vastgesteld op €1.088,98 inclusief BTW.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Team haven en handel
Faillissementsnummer: 14/262 F
Beschikking van 21 juli 2014van de enkelvoudige kamer voor burgerlijke zaken op het verzoek van mr. R. Slotboom, curator in het faillissement van:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ABM SERVICE B.V.,
Weg en Bos 27-29.
2661 DL Bergschenhoek,
statutair gevestigd te Bergschenhoek.

1.De procedure

1.1.
De curator in het faillissement heeft op 31 maart 2014 een verzoek gedaan aan de rechter-commissaris tot vaststellen van zijn salaris als curator in bovengenoemd faillissement.
1.2.
Op 14 mei 2014 heeft de rechtbank een voordracht van de rechter-commissaris ontvangen waarin zij de rechtbank verzoekt om op het verzoek van de curator te beslissen. Daarbij is een beloningsberekening op basis van de Recofa-richtlijnen voor faillissementen en surseances van betaling gevoegd.
1.3.
De beschikking is bepaald op heden.

2.Het verzoek en de beoordeling daarvan

2.1.
Uit het verzoek van de curator en de voordracht van de rechter-commissaris, en de aangeleverde stukken blijkt het volgende.
2.2.
ABM Services B.V. is bij vonnis van 21 mei 2013 van deze rechtbank in staat van faillissement gesteld, met benoeming van mr. R. Slotboom als curator en mr. A.J. van Spengen als rechter-commissaris.
2.3.
Bij beschikking van deze rechtbank van 19 november 2013 is het faillissement bij gebrek aan baten opgeheven. Het verzoek van de curator tot salarisvaststelling bedroeg destijds (over de periode van 21 mei 2013 tot en met 19 november 2013) € 1.464,78 inclusief BTW. Het salaris is toen vastgesteld op € 375,80 (inclusief de daarover verschuldigde omzetbelasting). Het restant kon destijds niet worden vastgesteld, omdat er geen voldoende boedelactief was. Er resteert dus nog een bedrag van € 1.088,98 inclusief BTW.
2.4.
Na de opheffing van het faillissement van ABM Services B.V. is een nieuwe bate aangetroffen ter waarde van ongeveer € 5.000. Op verzoek van de curator is het faillissement van ABM Services B.V. om die reden opnieuw uitgesproken, bij vonnis van 18 maart 2014.
2.5.
De curator heeft de rechter-commissaris verzicht het niet betaalde deel van zijn salaris alsnog vast te stellen. De rechter-commissaris heeft in haar voordrecht de rechtbank in overweging gegeven overeenkomstig het verzoek van de curator te beslissen. De rechtbank overweegt hierover als volgt.
2.6.
Bij de opheffing van het faillissement van ABM Services B.V. is een gedeelte van het salaris van de curator reeds vastgesteld. Het restant van het salaris is niet vastgesteld in verband met de toestand van de boedel. Na de opheffing van het faillissement is een nieuwe bate is aangetroffen. Het betreft kennelijk een bate die al dan niet bewust voor de curator verborgen is gebleven. Gelet op deze omstandigheden is een nadere vaststelling van het salaris van de curator over de hiervoor genoemde periode (van 21 mei 2013 tot en met 19 november 2013) gerechtvaardigd. Uit de voordracht van de rechter-commissaris leidt de rechtbank af dat als dit boedelactief tijdens het eerste faillissement aangetroffen zou zijn, het salaris van de curator hierop zou zijn aangepast.
2.7.
Op de voet van artikel 71 Fw Pro stelt de rechtbank het salaris van de curator vast.
Nu de urenverantwoording van de curator de rechtbank redelijk voor komt, zal zij de voordracht van de rechter-commissaris volgen. Aan de curator zal, naast de reeds vastgestelde beloning, een beloning worden toegekend voor de verrichte werkzaamheden in het faillissement over de periode vanaf 21 mei 2013 tot en met 19 november 2013, vastgesteld op basis van de Recofa-richtlijnen, van € 1.088,98 inclusief BTW.

3.De beslissing

steltde beloning van de curator voor zijn werkzaamheden verricht in de periode van
21 mei 2013 tot en met 19 november 2013 vast op € 1.088,98 inclusief BTW.
Deze beschikking is gegeven door mr. F. Damsteegt-Molier, rechter, in tegenwoordigheid van H. el Mokhtari-Heimensen, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 21 juli 2014.
2130/2148