Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
2.De standpunten
3.De beoordeling
.
Rechtbank Rotterdam
Bij vonnis van 14 oktober 2011 werd schuldenares toegelaten tot de schuldsaneringsregeling. De bewindvoerder rapporteerde de beëindiging van deze regeling en bracht onder meer naar voren dat schuldenares niet duidelijk had gemaakt wat er met ontvangen gelden van de belastingdienst was gebeurd.
Tijdens de zittingen gaf schuldenares aan dat haar jongste kind slechts de laatste drie maanden van 2010 naar de kinderopvang ging en dat zij nooit toeslagen heeft aangevraagd waarop zij geen recht had. Wel gaf zij aan dat zij niet bekend was met een bankrekeningnummer waarop toeslagen waren gestort, mogelijk door misbruik van persoonsgegevens door derden.
De rechtbank oordeelde dat schuldenares ten tijde van de toelating tot de schuldsaneringsregeling op de hoogte had moeten zijn van de terugvordering kinderopvangtoeslag 2010, maar deze niet had vermeld op de schuldenlijst. Dit vormde een tekortkoming in haar informatieplicht en was reden om de schone lei te weigeren. Tevens werden het salaris van de bewindvoerder en gemaakte kosten vastgesteld.
Uitkomst: De rechtbank weigert de schone lei wegens het niet melden van de terugvordering kinderopvangtoeslag 2010 en stelt het salaris en kosten van de bewindvoerder vast.