ECLI:NL:RBROT:2015:1690
Rechtbank Rotterdam
- Bodemzaak
- J.F. Frankruijter
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete wegens overschrijding residulimiet ampicilline in slachtsvarken
De zaak betreft een bestuurlijke boete opgelegd door de Staatssecretaris van Economische Zaken aan eiser wegens overtreding van de Wet dieren en het Besluit diergeneesmiddelen. De boete van €2500 werd opgelegd omdat in de nier van een slachtsvarken afkomstig van eiser een ampicillinegehalte werd vastgesteld dat de maximale residulimiet van 50 µg/kg aanzienlijk overschreed.
Eiser voerde meerdere beroepsgronden aan, waaronder dat het monster niet aan hem te herleiden was, dat er geen wettelijke grondslag was voor de boete, dat het monster onbevoegd was afgenomen, dat hij geen gelegenheid had gekregen tot contra-expertise, dat het verwijt onvoldoende was gespecificeerd, en dat de boete disproportioneel was en in strijd met artikel 6 EVRM Pro.
De rechtbank verwierp alle beroepsgronden. Het dier kon onomstotelijk aan eiser worden toegerekend, de wettelijke basis voor de boete was aanwezig, het monster was bevoegd afgenomen binnen de interne markt, eiser had geen verzoek tot contra-expertise ingediend, het verwijt was helder geformuleerd en de boete was proportioneel gelet op de ernst van de overtreding en het doel van dierenwelzijn en volksgezondheid.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en bevestigde de opgelegde boete. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
Uitkomst: Het beroep tegen de bestuurlijke boete wegens overschrijding van de residulimiet ampicilline wordt ongegrond verklaard.