ECLI:NL:RBROT:2015:2296
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete voor overtreding transport- en rusttijden dierenvervoer
De rechtbank Rotterdam behandelde het beroep van eiseres tegen bestuurlijke boetes van in totaal €3.000 wegens overtreding van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (Gwwd). Verweerder had vastgesteld dat bij meerdere transporten de maximale transporttijd van 24 uur werd overschreden zonder de vereiste rusttijd van 24 uur voor de dieren.
De boetes waren gebaseerd op gegevens uit transportjournaals, GPS-gegevens en tachograafschijven. Eiseres voerde onder meer aan dat de journaalverplichtingen in strijd waren met het nemo tenetur-beginsel, dat er sprake was van overmacht door oponthoud, en dat de boetes niet evenredig waren. De rechtbank verwierp deze verweren, stellende dat journaals feitelijke gegevens betreffen en dat oponthoud niet leidt tot een langere toegestane transportduur.
Ook was de rechtbank van oordeel dat verweerder niet verplicht was eerst een waarschuwing te geven voordat boetes werden opgelegd, mede omdat eiseres haar quotum aan waarschuwingen had benut. De stelling van rechtsongelijkheid en het ontbreken van differentiatie in boetetoepassing werden eveneens verworpen.
Gelet op de ernst van de overtredingen en de wettelijke regelingen achtte de rechtbank de opgelegde boetes evenredig en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de bestuurlijke boetes wegens overtreding van transport- en rusttijden is ongegrond verklaard en de boetes bevestigd.