ECLI:NL:RBROT:2015:2563
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.J.J. Wetzels
- H. van Lokven-van der Meer
- W.J. Roos-van Toor
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot verschoning rechter wegens schijn van partijdigheid
In deze bestuursrechtelijke zaak verzocht een rechter zich te mogen verschonen van verdere behandeling van een zaak tussen een verzoeker en het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam. De reden was dat de rechter op 8 januari 2015 een zitting had gehouden terwijl zij daartoe niet bevoegd was, omdat verzoeker op 7 januari 2015 een wrakingsverzoek had ingediend. Tijdens die zitting besprak de rechter de zaak met verweerder zonder aanwezigheid van verzoeker.
De rechtbank onderzocht of deze omstandigheden aanleiding geven tot een objectief gerechtvaardigde vrees voor het verlies van onpartijdigheid. Hoewel er geen aanwijzingen waren dat de rechter subjectief niet onpartijdig was, oordeelde de rechtbank dat de situatie zelf een zwaarwegende aanwijzing vormt dat de rechterlijke onpartijdigheid schade kan lijden.
Op grond hiervan werd het verzoek tot verschoning toegewezen. De beslissing werd genomen door een meervoudige kamer voor verschoningszaken en uitgesproken op 25 maart 2015.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de rechter wordt toegewezen wegens objectief gerechtvaardigde vrees voor schending van onpartijdigheid.