ECLI:NL:RBROT:2015:3002
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling machtiging en proceskosten in Wob-procedure tegen gemeente Rotterdam
Verzoeker stelde beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn Wob-aanvraag bij de gemeente Rotterdam. De gemeente nam uiteindelijk alsnog een besluit, waarna verzoeker een dwangsom vorderde en het beroep introk met verzoek tot proceskostenvergoeding.
De rechtbank beoordeelde de door verzoeker overgelegde machtiging aan zijn gemachtigde, die ruim was geformuleerd en daarmee onvoldoende specifiek volgens de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak. Desondanks oordeelde de rechtbank dat uit overige dossierstukken voldoende blijkt dat de gemachtigde bevoegd was om verzoeker te vertegenwoordigen in deze procedure.
De rechtbank veroordeelde de gemeente tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker, vastgesteld op € 245,-, en wees de griffierechtvergoeding van € 165,- toe. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam op 29 april 2015.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelde de gemeente Rotterdam tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan verzoeker.