Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam verzocht om verlenging van een machtiging gesloten jeugdhulp voor een minderjarige met ernstige gedragsproblemen. De ouders stemden in met het verblijf in een gesloten accommodatie. De rechtbank beoordeelde de wettelijke vereisten voor het verzoek en de mandatering van bevoegdheden binnen het college.
De rechtbank oordeelde dat het college bevoegd is om een verzoek tot machtiging gesloten jeugdhulp in te dienen via mandatering aan de concerndirecteur maatschappelijke ontwikkeling. Ook werd bevestigd dat de verleningsbeslissing door deze concerndirecteur kan worden genomen. De noodzaak van de gesloten jeugdhulp werd onderbouwd door ernstige gedragsproblemen en het belang van bescherming van de minderjarige.
De rechtbank besloot de machtiging gesloten jeugdhulp te verlengen van 8 mei 2015 tot 8 oktober 2015. Een kortere duur werd niet aangewezen vanwege de aard van de problematiek. Tevens werd het college aangespoord om te onderzoeken of overplaatsing naar een gespecialiseerde groep mogelijk is. Hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden.