ECLI:NL:RBROT:2015:5539
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete wegens overtreding rookverbod in horeca-inrichting zonder vrijstelling
Eiseres exploiteerde een horeca-inrichting bestaande uit een café en een cafetaria die in open verbinding stonden. Op 16 november 2013 constateerde een toezichthouder van de NVWA dat er in het café werd gerookt, ondanks het rookverbod. Verweerder legde daarop een bestuurlijke boete van €600 op wegens overtreding van artikel 11, vierde lid, van de Tabakswet in verbinding met artikel 3 van Pro het Besluit uitvoering rookvrije werkplek.
Eiseres voerde aan dat het café een zelfstandige horecalokaliteit was en daarom vrijgesteld van het rookverbod, onder meer omdat het café afgesloten zou zijn en vrijwel uitsluitend alcoholhoudende drank verstrekte. De rechtbank oordeelde echter dat het café niet van een afsluitbare toegang was voorzien en in open verbinding stond met het cafetaria, dat voornamelijk voedsel verstrekte. Hierdoor vormde het geheel geen horecabedrijf in de zin van het Besluit en was de vrijstelling niet van toepassing.
Ook het betoog van eiseres dat zij mocht vertrouwen op informatie van de overheid en dat eerst een waarschuwing had moeten worden gegeven, werd verworpen. De rechtbank stelde dat eiseres als ondernemer zelf verantwoordelijk was voor kennisname van de relevante regelgeving en dat het bestuursorgaan bevoegd was direct een boete op te leggen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, handhaafde de boete en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de bestuurlijke boete van €600 wegens overtreding van het rookverbod wordt ongegrond verklaard en de boete wordt gehandhaafd.