ECLI:NL:RBROT:2015:6396
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte voorbereiden terroristische aanslag ondanks radicale uitingen en chats
De verdachte werd beschuldigd van het voorbereiden van terroristische misdrijven, waaronder brandstichting, ontploffingen, moord en doodslag met een terroristisch oogmerk. Het bewijs bestond uit een opschrijfboekje met handleidingen voor bommen en radicale teksten, en chatberichten op Facebook waarin de verdachte interesse toonde in jihad en explosieven.
De officier van justitie eiste vier jaar gevangenisstraf, stellende dat de verdachte met terroristisch oogmerk handelde. De verdediging betoogde dat de uitingen niet serieus waren maar voortkwamen uit inadequaat sociaal gedrag en dat de verdachte in chats aantoonbaar loog.
De rechtbank overwoog dat hoewel de verdachte zich radicaal profileerde en informatie verzamelde, er geen bewijs was dat hij daadwerkelijk een aanslag wilde plegen of naar Syrië wilde reizen om deel te nemen aan de jihad. De verdachte ontkende het terroristische oogmerk en er waren aanwijzingen dat hij zich voordoet als iemand anders uit grootheidswaan.
Gelet op het ontbreken van concrete aanwijzingen voor het vereiste oogmerk sprak de rechtbank de verdachte vrij van alle tenlasteleggingen. De voorlopige hechtenis was reeds eerder opgeheven.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken wegens ontbreken van bewijs voor terroristisch oogmerk bij voorbereidingshandelingen.