Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.[gedaagde1] ,
[gedaagde2],
[gedaagde3],
[gedaagde4],
1.De procedure
- het tussenvonnis van 10 juni 2015
- het proces-verbaal van comparitie van 2 september 2015.
Rechtbank Rotterdam
Op 26 december 2013 overleed erflater, die een testament had opgesteld op 29 november 2013. Eiseres, de echtgenote van erflater, vorderde nietigverklaring van dit testament wegens vermeende wilsbekwaamheidsgebreken bij erflater. Zij dagvaardde daartoe onder meer de executeurs en erfgenamen in persoon.
Gedaagden stelden zich op het standpunt dat eiseres niet-ontvankelijk was omdat zij de executeurs en erfgenamen niet in hun hoedanigheid had gedagvaard, terwijl het aandeel van de erfgenamen onder bewind was gesteld. De rechtbank onderschreef dit standpunt en oordeelde dat eiseres had moeten dagvaarden in de hoedanigheid van executeur en bewindvoerder.
De rechtbank verklaarde eiseres niet-ontvankelijk in haar vorderingen en veroordeelde haar in de proceskosten. Dit vonnis werd gewezen door mr. R.C. Verschuur en uitgesproken op 9 september 2015.
Uitkomst: Eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onjuiste dagvaarding van executeurs en erfgenamen.