ECLI:NL:RBROT:2015:8533
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Brief drangaanpak geen besluit in zin van Awb, bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard
Eiseres ontving een brief van het Jeugdbeschermingsplein waarin een contactpersoon werd aangewezen om te helpen bij opvoedingsproblemen van haar kind. Zij verklaarde het bezwaar tegen deze brief ontvankelijk en stelde dat het een besluit in de zin van artikel 1:3 Awb Pro betrof.
De rechtbank stelde vast dat de brief geen extern rechtsgevolg tot stand brengt, omdat het slechts een dringend advies bevat zonder verplichtingen of sancties. Het aanwijzen van een contactpersoon en de mededeling van zorgen over het kind zijn geen publiekrechtelijke rechtshandelingen die rechten of plichten vaststellen.
Verder oordeelde de rechtbank dat het niet horen van eiseres in bezwaar onterecht was, maar dat dit haar niet heeft benadeeld. De brief kan ook niet worden aangemerkt als een beschikking tot toekenning van jeugdhulp, omdat een nadere omschrijving van de voorziening ontbreekt en de drangaanpak berust op vrijwillige medewerking.
De rechtbank concludeerde dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk was verklaard en liet het bestreden besluit in stand. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De brief over de drangaanpak is geen besluit in de zin van de Awb, waardoor het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard en het beroep ongegrond is verklaard.