ECLI:NL:RBROT:2015:9838
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- A.P. Hameete
- J.H. de Wildt
- H.J.M. van der Kaaij
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter wegens vermeende vooringenomenheid in ontslagzaak
Verzoeker, een werknemer die op staande voet was ontslagen, verzocht om wraking van de rechter die de zaak behandelde, omdat deze tijdens de comparitie van partijen kritische vragen stelde en bleef doorvragen ondanks onduidelijke antwoorden van verzoeker. Verzoeker vreesde hierdoor vooringenomenheid en ondermijning van zijn geloofwaardigheid.
De rechter stelde dat het zijn taak was om nader onderzoek te doen en vragen te stellen om een helder beeld van de feiten te krijgen, en dat het doorvragen niet betekende dat hij partij koos. De wrakingskamer overwoog dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn en dat enkel het stellen van kritische vragen geen grond voor wraking vormt.
De wrakingskamer concludeerde dat de vrees van verzoeker voor vooringenomenheid niet objectief gerechtvaardigd was en dat er geen uitzonderlijke omstandigheden waren die wraking rechtvaardigden. Het wrakingsverzoek werd daarom ongegrond verklaard en afgewezen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter is afgewezen wegens het ontbreken van zwaarwegende aanwijzingen voor vooringenomenheid.