Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2016:10248

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
23 november 2016
Publicatiedatum
31 januari 2017
Zaaknummer
C/10/510580 / FT EA 16/2316
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 285 Faillissementswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens ontbreken problematische schuldsituatie

Verzoekster diende op 21 september 2016 een verzoek in tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. Tijdens de zitting van 16 november 2016 is zij gehoord. Uit de stukken blijkt dat verzoekster samen met haar partner een inkomen ontvangt uit een uitkering op grond van de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen. De totale schuldenlast bedraagt €29.330,65.

Het merendeel van de schulden, €27.052,13, is ouder dan vijf jaar en volgens haar echtgenoot, die zelf is toegelaten tot de schuldsaneringsregeling, door hem gemaakt. Daarom wordt aangenomen dat verzoekster niet als schuldenares kan worden aangemerkt voor deze schulden. De resterende schulden van €2.278,52 zijn tijdens het huwelijk ontstaan en worden niet als problematisch beschouwd, omdat deze binnen afzienbare tijd met betalingsregelingen kunnen worden opgelost.

De rechtbank concludeert dat er geen problematische schuldsituatie is waarvoor de schuldsaneringsregeling noodzakelijk is en wijst het verzoek af. Tevens merkt de rechtbank op dat verzoekster nauwelijks Nederlands spreekt, waardoor twijfel bestaat over haar vermogen om aan de sollicitatieverplichting te voldoen. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open binnen acht dagen na de uitspraak.

Uitkomst: Verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens ontbreken van een problematische schuldsituatie.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team insolventie
afwijzing toepassing schuldsaneringsregeling
rekestnummer: [nummer]
uitspraakdatum: 23 november 2016
[naam 1],
[adres]
[postcode] [woonplaats],
verzoekster.

1.De procedure

Verzoekster heeft op 21 september 2016 een verzoekschrift met bijlagen ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. Verzoekster is gehoord ter terechtzitting van 16 november 2016.

2.De feiten

Verzoekster ontvangt samen met haar partner inkomsten uit een uitkering op grond van de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen. De schuldenlast bedraagt volgens de verklaring als bedoeld in artikel 285 Faillissementswet Pro € 29.330,65 in totaal.

3.De beoordeling

Uit de overgelegde schuldenlijst blijkt dat verreweg het grootste deel van de schuldenlast, namelijk € 27.052,13, ouder dan 5 jaar is. Verzoekster is vier jaar geleden gehuwd. Volgens haar echtgenoot, [naam 2], die op 16 november 2016 is toegelaten tot de schuldsaneringsregeling, zijn deze oude schulden door hem gemaakt. Het moet er daarom voor worden gehouden dat verzoekster voor verreweg de meeste schulden dus niet is aan te merken als schuldenares. De resterende schuldenlast ad € 2.278,52 die tijdens het huwelijk van verzoekster is ontstaan, is geen problematisch schuldsituatie waarvoor toepassing van de schuldsaneringsregeling noodzakelijk wordt geacht. Die schulden moeten immers binnen afzienbare tijd op te lossen zijn met betalingsregelingen.
Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling zal daarom worden afgewezen.
Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat dit niet betekent dat er geen andere feiten of omstandigheden zijn die eveneens tot afwijzing van het verzoek dienen te leiden. In dit kader wordt wel opgemerkt dat verzoekster nauwelijks Nederlands spreekt, zodat de vrees bestaat dat zij niet aantoonbaar zal kunnen voldoen aan de sollicitatieverplichting.

4.De beslissing

De rechtbank:
- wijst het verzoek af.
Dit vonnis is gewezen door mr. V.M. de Winkel, rechter, en in aanwezigheid van C. Santos, griffier, in het openbaar uitgesproken op 23 november 2016. [1]