Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- verzoeker;
- de heer [naam 2] , werkzaam bij Okkerse & Schop Advocaten (hierna: schuldhulpverlening).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Verzoeker heeft een verzoek ingediend op grond van artikel 287a Faillissementswet om ABN AMRO te dwingen in te stemmen met een schuldregeling waarbij 11,47% van de totale schuld tegen finale kwijting wordt betaald. ABN AMRO, schuldeiser met een vordering van €141.500, stemde niet in en vond het aanbod te laag en niet in verhouding tot de totale schuld.
ABN AMRO gaf aan bereid te zijn tot een acceptabele afbetalingsregeling te komen, met een annuïtaire aflossing over 20 jaar en renteconcessie, mits verzoeker aanvullende informatie verstrekt. Verzoeker heeft deze informatie niet geleverd en volstaat met het eerdere aanbod. De rechtbank oordeelt dat ABN AMRO's weigering redelijk is gezien haar grote aandeel in de schuldenlast (70,49%) en haar bereidheid tot een andere regeling.
De rechtbank weegt het belang van ABN AMRO zwaarder dan dat van verzoeker en overige schuldeisers en wijst het verzoek tot gedwongen schuldregeling af. De beslissing op het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling volgt later. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open.
Uitkomst: Het verzoek om ABN AMRO te dwingen in te stemmen met de schuldregeling wordt afgewezen.