Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- mr. E.R. Butin Bik, advocaat van verzoekster;
- de heer [naam 2] , werkzaam bij stichting Stichting Woonstad Rotterdam (hierna: verweerster).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Verzoekster heeft een verzoek ingediend op grond van artikel 287b Faillissementswet om een voorlopige voorziening te treffen die verweerster zou verbieden het ontruimingsvonnis ten uitvoer te leggen. Verzoekster kon niet aantonen dat haar inkomen, grotendeels gebaseerd op studiefinanciering, hersteld was en dat zij de huurtermijnen zou kunnen voldoen. Verweerster betoogde dat eerdere betalingsregelingen niet werden nagekomen en dat er geen vertrouwen is in een goede afloop.
De rechtbank oordeelde dat sprake was van een bedreigende situatie vanwege de aangekondigde ontruiming, maar dat verzoekster onvoldoende saneringsgezind was, mede omdat zij zonder bericht van verhindering niet op de zitting verscheen. Tevens was onvoldoende aannemelijk dat de lopende huurtermijnen voldaan konden worden. Het belang van verweerster woog zwaarder dan dat van verzoekster.
Verder stelde de rechtbank vast dat het financieel adviesbureau geen rechtspersoon is als bedoeld in artikel 48 WCK Pro, waardoor schuldbemiddeling verboden is. Daarom werd verzoekster ook niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling. De rechtbank wees het verzoek ex artikel 287b Fw af en verklaarde verzoekster niet-ontvankelijk in het verzoek ex artikel 284 lid 2 Fw Pro.
Uitkomst: Verzoek tot voorlopige voorziening moratorium wordt afgewezen en verzoekster wordt niet-ontvankelijk verklaard in het verzoek tot toelating schuldsaneringsregeling.