ECLI:NL:RBROT:2016:3042
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H. de Wildt
- A.M.E.A. Neuwahl
- E. Lunenberg
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaard beroep tegen weigering Ziektewetuitkering na ontslag op staande voet wegens blokkering toevoegingsvergoedingen
Eiser was sinds 1 september 2011 in dienst bij een ex-werkgever en meldde zich op 13 april 2014 ziek. Op 28 april 2014 blokkeerde hij de uitbetaling van twaalf toevoegingsvergoedingen, waarvan zeven zaken door hemzelf waren behandeld. De ex-werkgever sprak daarop ontslag op staande voet uit wegens het schaden van het vertrouwen.
Verweerder, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, weigerde vervolgens de Ziektewetuitkering aan eiser toe te kennen, stellende dat het ontslag terecht was en dat eiser onnodig een beroep deed op de uitkering. Eiser voerde aan dat hij ten onrechte geen hoorzitting kreeg en dat de blokkering van toevoegingen terecht was vanwege onregelmatigheden bij de ex-werkgever.
De rechtbank oordeelde dat het ontslag op staande voet gerechtvaardigd was, mede gelet op een eerder kort geding vonnis waarin werd vastgesteld dat het blokkeren van toevoegingen onrechtmatig was. Het schrappen van eiser van het tableau leidde niet automatisch tot beëindiging van het dienstverband. De rechtbank vond dat verweerder terecht een maatregel oplegde op grond van artikel 45 ZW Pro, namelijk een blijvende gehele weigering van de uitkering, en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de Ziektewetuitkering wordt ongegrond verklaard vanwege het gerechtvaardigde ontslag op staande voet.