ECLI:NL:RBROT:2016:4797
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Boete opgelegd voor herhaalde overtreding rookverbod in horeca-inrichting
De rechtbank Rotterdam behandelde het beroep van een horecaonderneming tegen een boete van €1.200,- opgelegd door de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport wegens herhaalde overtreding van het rookverbod in een horecagelegenheid. De overtreding werd vastgesteld tijdens een inspectie van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit op 9 oktober 2014, waarbij werd geconstateerd dat er in het café werd gerookt en dat de beheerder niet heeft gehandhaafd.
De rechtbank oordeelde dat de besluiten bevoegd waren genomen door de juiste functionarissen en dat de vennootschap onder firma als rechtspersoon kon worden aangesproken. Verder werd geoordeeld dat het niet horen van eiseres in bezwaar gerechtvaardigd was omdat de bezwaargronden louter formeel waren en de overtreding niet werd betwist.
De rechtbank verwierp ook het betoog dat het besluit onzorgvuldig was vanwege het tijdsverloop tussen inspectie en boeterapport, het niet kenbaar maken en legitimeren van toezichthouders, en het anoniem opgestelde proces-verbaal. De overtreding stond vast en de boete was terecht opgelegd. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens overtreding van het rookverbod wordt ongegrond verklaard.